| OpSpraak, jaargang
8, nummer 21, winter 2002 / 2003

klik hier
voor een vergroting van de illustratie
   
REDACTIONEEL
De prijs van de schoonheid
Oscar Wilde (1854-1900)
heeft het met ‘Dorian Gray’ onovertroffen omschreven.
Alles heeft zijn prijs, ook de schoonheid. Vaak zelfs een hele hoge
prijs. De hoofdpersoon van deze roman uit 1890 is een symbool van
schoonheid. Van binnen echter, veroudert, verzuurt en verrot hij
in de loop van de tijd. Een portret, dat hij in zijn jeugd heeft
laten maken, verandert met zijn innerlijk. Zo erg, dat hij het schilderij
moet verstoppen voor de buitenwereld. Was het boek honderd jaar
later geschreven had de hoofdpersoon wellicht zijn gezicht laten
verbouwen.
Het kan best zijn dat alleen Dorian Gray de
veranderingen in zijn eigen voorkomen in het portret geprojecteerd
zag. Want, hij moet zichzelf ‘intensely’ hebben geadoreerd
en voortdurend naar zijn ingelijste evenbeeld hebben staan kijken.
Oscar Wilde zal Narcissus in gedachten hebben gehad. Die was verliefd
op zijn eigen spiegelbeeld. Echter, ‘beauty is in the eye
of the beholder,’ zoals de Ierse schrijfster Margaret Wolfe
Hungerford (1855-1897) schreef. Om mijn rijtje Engelse citaten te
eindigen met het bekende: ‘A thing of Beauty is a joy for
ever’, de beginregel van ‘Endymion’ van John Keats
(1795-1821).
Alles is betrekkelijk. Het liep slecht af
met Wilde; hij stierf, berooid en gevlucht, aan meningitis in een
hotel in Parijs. Keats stierf in Rome aan de tering. Wolfe bezweek
aan de tyfus in een Iers gehucht met de prozaïsche naam ‘Bandon’.
Als dat geen bewijs is dat schoonheid een hoge prijs heeft, weet
ik het niet.
Het is de fascinatie voor schoonheid en de
prijs die ervoor moet worden betaald, die ons al sinds het ontstaan
van OpSpraak bezig houdt. Regelmatig organiseerden wij een ‘vossenjacht’:
wij sprongen over heggen, ploegden door velden, doorkruisten beken
en openden sloten op hekken. Bij het vinden van de vos ontdekten
wij telkens weer dat hij dood was. Doodgebeten door onze eigen honden.
Zo kwamen wij tot de ontdekking dat elke echte munt niet voor niets
twee kanten heeft. Wij ontdekten dat schoonheid soms werd geschapen
door de grootste schurken. En wij zagen hoe mooie mensen lelijke
dingen produceerden.
Bij een bespreking van een nieuwe vertaling
van werk van Kavafis werd ik er onlangs weer aan herinnerd wat deze
dichter bedoelde met zijn gedicht ‘Ithaka’. De waarde
van de aankomst in Ithaka valt alleen af te meten aan de reis er
naartoe. Kortom: het doel van bovengenoemde ‘vossenjacht’
was niet het doden van de vos, maar het nemen van de hindernissen.
Dat is de enige reden dat Odysseus zo lang over zijn reis van Troje
naar Ithaka deed. Als hij rechtstreeks naar huis was gegaan, hadden
wij het zonder de mythologie van de ‘Ilias’ en de 'Odyssee'
moeten doen.
Jack Koehorst
|