
| Le Main (gemengde technieken)(omslag) | Iris Creutzburg |
|
Interview Manon Uphoff |
Jack Koehorst & John Prins |
| Manon Uphoff (foto's) | Dirk Hompes |
| Drammen | Jacq. S. Bah |
| Against
the Dying of the light een zoektocht naar Dylan Thomas (1) |
Frans de Birk |
| Gedichten | Frans de Birk |
| Hans Kilian | |
| Clinton V. du Plessis | |
| Dries Kerstjens | |
| Vincent Scholze | |
| Jan Bontje | |
| Deen Engels | |
| Luc Altink | |
| H.C.S.M. Walter | |
| Meanderkrant | Floris van Overveld |
| Mark Lange | |
| Johanna W.P. Hell | |
| Lut Bossuyt | |
| Frans Leonard | |
| Johan-Martijn Velijn | |
| Nominaties OpSpraak Poëzieprijs 1999 |
Monique Goderie |
| Lili Touwen | |
| Menno van der Beek | |
| Gerard Beentjes | |
| Cornelis Putemmer | |
| Gezicht (pentekening) | John Prins |
| DE WINNAAR OpSpraak Poëzieprijs 1999 |
|
| Gezicht | Janneke Gorter |
| Proza | |
| Het thema van de dood | Cor van der Kooij |
| Moordenaars | Dennis Rijnvis |
| Ondanks Kaïn 4: Verloren tijd | Maxime Grasky |
| Eutonie | Thomas Bosgaard |
| Klaarwakker | Jan Bontje |
| Balki (foto + bewerkingen) | John Prins/Jack Koehorst |
| OpSpraak Poëzieprijs 1999 Gezicht Ik sluit mijn ogen en houd mijn adem in; ik druk mijn gezicht op het water, Als winter tovert met ijsglazuur, en hak mijn glazen beeltenis Janneke Gorter |
Perpetuum mobile
Een verre vrouw
haar rok
waait naar de horizon
haar haren
dansen wilde walsen
rond haar hoofd;
brengt zij haar rusteloosheid
naar de zee?
Snelle kindervoeten
drukken sporen in het zand
schelpjes in de hand.
En het kind roept naar de wind:
allemaal voor mij
nog meer erbij!
Ik loop langs lijnen
van de zee en
weet om mij heen
wuivende duinen
koel water en warme zon.
Dan
op een bed van schelpen
ligt een dode vis glinsterend groen
en blauw als het azuur
dat hij verliet.
En het oog
het starre oog
blikt strak omhoog
rond en grauw
als herkent hij het verre blauw.
Als de levenloze vis
Staar ik, verstil ik
staat alles stil
even maar
want de meeuwen
schrijven bogen
en schreeuwen
luid.
Monique Goderie
November
Steen werd hier langzaam weer tot zand
en elke korrel is van steen
De wind zweept striemend om mij heen
stenigt mij op het stille strand
Door mijn gedachten overmand
wandel ik langs de zee alleen
Steen werd hier langzaam weer tot zand
maar elke korrel is van steen
Wat door de tijden heen verdween
blijft altijd ergens aan verwant
Straks als de zomerzon weer brandt
dan lig ik zacht en zingt de zee
Steen wordt hier langzaam weer tot zand
Lili Touwen
Serenade
Hier zijn we lang geleden ingetrokken
waarna de toegangsweg is afgezet
en binnen wordt op iedereen gelet:
sindsdien is er ook niemand meer vertrokken.
Er hangen kleedjes over alle klokken
die heimelijk gelijk worden gezet.
Veel is er in verhalen vastgelegd,
in boekenkasten aan het oog onttrokken.
Ik ken de weg hier goed. In deze toren
ligt in een kamer in een kast een schuiftrompet.
Dan open ik het hoge raam, diep in de nacht
en laat de buitenwacht iets droevigs horen.
Misschien dat op de toren wordt gelet:
ik kan niet weg. Ik blaas uit alle macht.
Menno van der Beek
Spaanse huisjes
Boven de aarde
Boven de rotsen
Staan naast elkaar
Huisjes van steen
Vervallen en vergaan.
Nieuwe, verse buren,
Bloemen en ramen
En heilige kruisjes
Van marmer en hout,
Staan vooraan de rij.
Groengrijs verkleuren
Olijfbomen de hemel.
Een oude stem verhaalt
Van zielsverhuizing
Naar een beter leven.
Gerard Beentjes
De goudvis
(publieksprijs 1999)
Hij zat in de 1024e ronde
en het einde was nog niet in zicht
Hij dacht:"Als vissen tellen konden
zat deze nu in een gesticht"
Na 2348 ronden
begon de verveling toe te slaan
Het eind van de kom had hij nog niet gevonden
Toen is hij maar weer teruggegaan
Cornelis Putemmer